Agressies, stigmatiseringen en instemming hiermee: hardnekkige donderwolken boven een breekbaar vredesdiscours

Na omzeggens 20 jaar burgerlijke en vreedzame weerstand van onze Vredesgemeenschap blijven de agressies en de stigmatiseringen van de Staat maar aanhouden. Zelfs het vredesproces waar zoveel publiciteit voor gemaakt wordt heeft de 17-de Brigade en de overige leden van de Strijdkrachten en hun verborgen armen of paramilitairen er niet toe gebracht om te stoppen met hun misdaden. De chronologie van agressies en stigmatiseringen duurt voort in hardnekkige en perverse sloomheid, waarbij zich bij momenten nog leden van de oppositiegroepen voegen die bij gelegenheid giften ontvangen van een cliëntelistisch en corrupt systeem. Wij blijven de aanklachten van de laatste feiten overhandigen aan het niet te vermurwen geheugen van het land en van de wereld:

Op zondag 22 mei 2016 werden ’s morgens  gevechten geregistreerd in het gehucht La Esperanza, op de plaats die gekend is als La Agostura, klaarblijkelijk tussen guerrilleros van de FARC en de paramilitairen.

Tussen vrijdag 3 en maandag 6 juni 2016waren verschillende bekende paramilitairen aanwezig op de plaats La Sucia, op slechts enkele minuten van de militaire basis, die gevestigd is in San José. Ze overnachtten er verschillende dagen en werden gezien in burgerkleren en met lange wapens.

Op maandag 6 juni 2016 ontving GermánGraciano, Wettelijk Vertegenwoordiger van de  Vredesgemeenschap, een telefoontje van een individu dat zich identificeerde als lid van de paramilitairen. Dit individu eiste dat hij moest samenwerken met de paramilitairen en dat hij de gevolgen moest dragen zo hij dat niet deed. Want zij weten waar hij leeft en ook waar zijn familie leeft. Om dat te bewijzen noemde hij de naam van de boerderij waar zijn familie woont.

Op woensdag 8 juni 2016 kreeg GermánGracianoeen nieuwe telefoonoproep van de paramilitair die er op aandrong dat hij moest samenwerken met de paramilitairen of dat hij anders de gevolgen moest dragen.

Op dinsdag 14 juni 2016 stigmatiseerde Kolonel GermánRojas, Commandant van de 17-de Brigade, in een tussenkomst op de radio opnieuw onze Vredesgemeenschap.

Op woensdag 15 juni 2016 gaf Kolonel GermánRojas antwoord op een brief van onze Vredesgemeenschap, die reeds een antwoord was op een andere brief die hij ons had toegestuurd en op verschillende brieven die hij verstuurde naar zustergemeenschappen van onze Gemeenschap in verschillende landen, brieven die bol stonden van onwaarheden en van uitvluchten. In dit antwoord neemt hij opnieuw zijn toevlucht tot uitvluchtgedrag, want hij antwoordt alleen op slechts enkele van onze aanklachten en protesten, en tot leugens, want veel van zijn affirmaties worden tegengesproken door overtuigende bewijzen in audio- en videomateriaal dat we hebben laten toekomen bij internationale tribunalen.

Op vrijdag 17 juni 2016 ’s morgens verschenen in verschillende huizen van de Gemeenschap in de nederzetting van La Unión verschillende affiches die refereerden naar de FARC. Onze Gemeenschap veroordeelt deze feiten en tegelijk doet ze een oproep aan al de gewapende partijen om de levens- en werkruimten van onze Vredesgemeenschap te eerbiedigen. Om deze reden werden verschillende leiders van de Gemeenschap geïntimideerd door alias “Patiño”, guerrillero van de FARC-EP (EP = EjércitoPopular).

Op donderdag 23 juni 2016 werden gevechten geregistreerd in het gehucht Rodoxalí, klaarblijkelijk tussen guerrilleros en paramilitairen.

Op zondag 3 juli 2016 kondigden enkele bewoners van het gehucht Mulatos, geïnspireerd of gestimuleerd door Staatsinstellingen die hen projecten aanbieden, opnieuw aan dat ze aanstalten maakten om met geweld de levens- en werkruimten van de Gemeenschap in het Vredesgehucht Luís Eduardo Guerra binnen te vallen met de bedoeling er Staatsprojecten uit te voeren.

Op vrijdag 8 juli 2016 werd een lid van de Interne Raad, dat zich in een openbare instelling in het stadscentrum van Apartadó bevond door twee militairen, die hun uniform en militaire insignes droegen, benaderd. Ze identificeerden hem daar als lid van de Vredesgemeenschap. Ze verwittigden hem dat de zaken gingen veranderen en dat de internationale gemeenschap zou nalaten van deze hoerenjongvredesgemeenschap (verder) te begeleiden en dan zou men zien wie wie is.

Op zondag 17 juli 2016’s nachts boden in de nederzetting van de Vredesgemeenschap in San Josecito leden van de Interne Raad weerstand tegen de bedoelingen en de gewelddadigheden van de bekende drugstrafikant Luís AdánRivera om binnen te dringen in onze gemeenschapsruimte.Dit heerschap probeerde bij verschillende gelegenheden de principes en reglementen van de Vredesgemeenschap met de voeten te treden. Reeds op 27 april van dit jaar had dit zelfde individu op vermetele wijze de ruimte van de Gemeenschap gebruikt om er drugs te bewaren en toen hij ontdekt werd voer hij brutaal uit tegen de leden van de Interne Raad en hij bedreigde ze, en hij beweerde dat niemand hem bevelen had te geven en dat hij deed wat hij wilde en waar hij dat wilde, met inbegrip van totaal vreemde ruimten. Later, op woensdag 19 juli 2016 werd hij gevangen genomen door officiële agenten toen hij probeerde drugs te transporteren in Apartadó.

Zoals bekend is door heel de internationale gemeenschap, de besprekingen die plaatsvinden tussen de regering en de FARC in Havanna, Cuba hebben geleid tot een bilateraal staakt-het-vuren. Daarom verstaan we niet en vinden we het niet gerechtvaardigd dat een militaire basis en een politiepost wordt behouden in het dorpscentrum van Apartadó, vooral wanneer de plaatsing van deze installaties te midden van de burgerbevolking verschillende voorschriften van het Grondwettelijk Hof en van de Staatsraad schendt en lange tijd de aansporing vormde van oorlogsconfrontaties die  talrijke levens hebben vernietigd en die de openbare rust hebben ondermijnd waarop de bevolking recht heeft.

Opnieuw zijn we dankbaar voor de broederlijke solidariteit van talrijke personen en gemeenschappen die vanuit afgelegen hoeken onze tragedie opvolgen en hun protest uitdrukken tegenover corrupte autoriteiten. De laatste maanden deden gemeenschappen van verschillende delen van de wereld, die ons altijd begeleid hebben in onze beproevingen, niets anders dan brieven schrijven aan het Ministerie van Defensie en aan de corrupte commandant van de 17-de Brigade, die hen antwoordde met officiële brieven die pronken met hypocrisie en onwaarheid, en zo voor de geschiedenis modelstukken van leugens nalaten die niet de minste confrontatie weerstaanmet audio- en videomateriaal vastgelegd door de slachtoffers, maar hoofdzakelijk met de directe beproeving van de slachtoffers. Het is te schandelijk dat een Staat,die beweert legitiem te zijn, met de meest waanzinnige straffeloosheid criminelen van dit formaat ondersteunt.  We doen verder met weerstand bieden, aangemoedigd door de morele kracht die zoveel eerlijke mensen ons toesturen vanuit afgelegen ruimtes van de planeet.