Het beest slaat gaandeweg zijn oorlogsklauwen uit

Men kon niets anders verwachten, we hadden het reeds aangeklaagd. De aanwezigheid als Commandant in de 17-de Brigade van een Kolonel, die zulke misdadige gedragingen op zijn naam heeft staan, zoals die we hebben aangeklaagd, doet periodes van barbaarsheid voorspellen die niet alleen wedijveren met , maar die de ergste historische momenten die we beleefd hebben overtreffen.  Onze Vredesgemeenschap overhandigt aan de gerechtigheid van de menselijke families van de wereld en aan de geschiedenis de laatste feiten:

Op vrijdag 10 oktober 2014 werd de boer Apolinar CORREA in het gehucht La Cristalina, dat tot het district San José behoort,  gedurende meer dan 10 uren van zijn vrijheid beroofd door militaire troepen. Hij werd vastgebonden aan een boom en ze beschuldigden hem ervan een guerrillero te zijn. Door de methode van chantage te gebruiken tegen een burger, voerden  ze een soldaat aan met een kap over het hoofd om de boer ervan te beschuldigen dat hij een guerrillero was.  Na zijn gevangenschap die meer dan tien uur duurde werd hij in vrijheid gesteld, maar niet zonder hem te verbieden om het even welk type van aanklacht tegen de troepen te doen voor deze feiten.

Dezelfde week werden verschillende boeren en bewoners van het gehucht La Cistalina , dat tot het district San José behoort, door militaire troepen verboden daar te passeren en landbouwwerk te doen in hun teelten, want de militairen versperden de doorgang tussen het gehucht La Cristalina en Caño Seco.

Op woensdag 22 oktober 2014 werd via de locale radiozenders de informatie bekend gemaakt van de dood van een guerrillero en van de gevangenneming van een minderjarige in gevechten, die geregistreerd werden tussen militaire troepen en guerrilleros van de FARC in het gehucht Miramar van het district van San José de Apartadó.

Op vrijdag 24 oktober 2014 ’s morgens in een tussenkomst op de radio beschuldigde Kolonel Ernesto José CORAL ROSERO, Commandant van de 11-de Mobiele Brigade, onze Vredesgemeenschap ervan minderjarigen te rekruteren voor de guerrilla. Deze niet gefundeerde toespelingen en beschuldigingen zijn niets anders dan een strategie van stigmatisering tegen onze Vredesgemeenschap.

Op zondag 26 oktober 2014 ’s morgens was een groep boeren van het district van San José de Apartadó , die geen lid zijn van onze Vredesgemeenschap, aanwezig tegenover de nederzetting van de Vredesgemeenschap in San Josecito, met de bedoeling de doorgang van voertuigen  over de weg van San José naar Apartadó en omgekeerd te verhinderen om op deze wijze de realisatie van een burger-militaire dag (soort opendeurdag), die door de Strijdkrachten en Staatsinstellingen geprogrammeerd was,   in het Stadscentrum van dit district te verhinderen. Daarom was het nodig dat leden van onze Vredesgemeenschap ze voor zouden zijn en, zowel aan de burgers die protesteerden,  als aan de militairen die binnen onze leefruimten aanwezig waren, zouden vragen dat ze zich zouden terugtrekken en dat ze zich zouden ophouden buiten de borden en opschriften van de Vredesgemeenschap die duidelijk aangeduid en zichtbaar zijn. De boeren aanwezig op dit protest velden bomen en legden die over de weg.  Ze bleven daar tot in de namiddag en bij het einde van de dag openden ze opnieuw de doorgang voor het verkeer. Ofschoon het vreedzaam burgerprotest er vooral op gericht was om aan de verschillende gewapende actoren symbolisch te vragen dat ze niet aanwezig zouden zijn te midden van de burgerbevolking en dat ze ook geen burgeractiviteiten zouden manipuleren met militaire acties en daartoe de openbare weg afsloten die de militair-burgerlijke plechtigheid verhinderde in San José, deelt onze Vredesgemeenschap de manier van handelen in feite niet, want we geloven dat het niet onze mechanismen zijn om eerbied voor de mensenrechten op te eisen, zoals sommigen dat willen doen zien. Daarom dat de Vredesgemeenschap weigerde om deel te nemen in dit protest.

Op maandag 27 oktober 2014 stelde Kolonel Germán ROJAS, de huidige Commandant van de 17-de Brigade, in een verklaring op de radio,de Vredesgemeenschap verantwoordelijk voor de blokkades, die op zondag 26 oktober opgeworpen werden door boeren uit de regio. Hij kondigde aan dat hij een beroep zou doen op de bevoegde autoriteiten om de verantwoordelijken voor deze feiten, die volgens de hoge legerbevelhebber van de 17-de Brigade als vandalisme kunnen bestempeld worden, gerechtelijk te vervolgen. Opnieuw en zoals gewoonlijk vanuit de 17-de Brigade en vanuit dezelfde Kolonel ROJAS,die zijn klauwen uitslaat en zijn kleren verscheurt, toont hij zich tegenover onze Vredesgemeenschap zoals hij is “een beest”, ditmaal door ons te beschuldigen van de blokkades en vandalenstreken tegen de rest van de bevolking van onze geografische omgeving, vermoedelijk als represaille voor de recente moord van een guerrillero in de streek.  Bovendien maakt hij gebruik van deze radiomicrofonen,  die weerklank geven  aan zijn  laster en schanddaden, door onze nederzetting van San Josecito te bestempelen als een miserabele plaats, en ons die wonen in houten huizen in absolute armoede, als hongerdoden. Zou de Heer Germán ROJAS betreffende zijn uitspraken misschien niet willen inzien dat, indien we in miserie en armoede zitten, het de verantwoordelijkheid is van de 17-de Brigade in eenheid met het paramilitarisme, die de grootste veroorzaker zijn van ontheemding, economische blokkades, bloedbaden, diefstalen, plunderingen, afbranden van woningen, vernietiging van teelten, moorden en zovele misdaden, die onze levenscondities geschaad hebben in deze 18 jaar Gemeenschap en waarvoor Kolonel ROJAS  grotendeels verantwoordelijk is.

Het is evident dat de stunteligheid van ROJAS gelijkt op die van een zwakzinnige die pronkt met de graad van Kolonel in de 17-de Brigade, wieg en nest van de misdaad, beschermer en toevluchtsoord van boeven, die tegelijkertijd verhindert de woede en de haat te verbergen, die hij tegen ons levensproject van Vredesgemeenschap ontketent. Ondanks de beproevingen die de Gemeenschap al die jaren heeft moeten lijden en die nog niet ophouden, hebben we op waardige en nederige wijze kunnen standhouden in die plankenhuisjes  met strooien dak, eerder dan neer te knielen voor onze daders en beulen.

We begrijpen niet hoe het kan dat een Staat waarvan men zegt dat het een Rechtstaat is en die met de vlag van de democratie zwaait ,niet enkel cynici en boeven beschermt, en, alsof het weinig was, de misdadigers tot helden maakt. Op die manier voegen ze nog meer misdaden en Staatsterrorisme toe  aan de keten van misdaden die vanuit dezelfde 17-de Brigade van het Nationale Leger wreed tegen ons werden ontketend.

Noch met de haat, noch met de meest laaghartige en afschrikwekkende mechanismen die ze tegen ons gebruiken, zullen de geweldenaars nooit de liefde die we voor het leven hebben, kunnen wegrukken of wegsnijden uit onze geesten en harten.

Vredesgemeenschap van San José de Apartadó

27 oktober 2014