Levend onder para-militaire terreur en angst

De verwerpelijke en smartelijke feiten blijven verder duren, de paramilitairen bedreigen en roven voedsel van de nederige boerenfamilies, de paramilitaire operaties in de zone houden niet op. Integendeel ze nemen dag na dag toe terwijl ze aankondigen dat ze belastingen gaan innen van alle eenvoudige mensen van San José. Ondertussen verlenen de communicatiemedia hun instemming. Ze  versterken de stem van wat er gezegd wordt vanaf de schrijftafels van de XVII-de Brigade van het leger. Opnieuw doen we een beroep op de mensheid en de geschiedenis om getuigenis af te leggen van nieuwe feiten opdat er ooit recht over uitgesproken wordt:

Op zondag 5 februari 2017 ’s morgens werd de aanwezigheid van een groep paramilitairen vastgesteld tussen de gehuchten Arenas Bajas en Arenas Altas, want reeds verschillende dagen waren ze reeds aanwezig in Arenas Bajas in de sector die bekend is als La Maquina.

Deze zondag 5 februari 2017 rond 21:00 uur was er een groep paramilitairen aanwezig in verschillende woningen in het gehucht El Cuchillo dat behoort tot het district San José, op slechts enkele minuten van de militaire basis en de politiepost gelegen in het dorpscentrum van San José. Daar kondigden de paramilitairen, die zich identificeerden als AGC (= Autodefensas Gaitanistas de Colombia) en die militaire uniformen en lange wapens droegen, opnieuw aan dat hun aanwezigheid reeds algemeen bekend is voor de boerenbevolking. Ze zeiden dat ze zich zullen moeten onderwerpen aan hun bedoelingen. Ook kondigden ze aan dat ze vaccins (= een belasting) gaan innen bij alle boeren, bij hen die runderen houden, bij de ezeldrijvers, bij de dagloners en bij de cacaoboeren. En dat zij die dit niet doen het moeten afbollen of het zullen besterven. Deze aankondigingen worden reeds uitgevoerd, want alle veehandelaars van de streek zijn verplicht een vaccin te betalen van 50.000 pesos (ongever 17,00 euro) per kop van de dieren die zich in het district van San José rondlopen. Ten aanzien van deze bedreigingen hebben verschillende families van het gehucht ons laten blijken dat ze willen weggaan uit de streek uit schrik vermoord te worden.  

Op maandag 6 februari 2017 kondigden bekende paramilitairen in NuevoAntioquia aan verschillende bewoners van de streek aan dat de paramilitaire commandant “alias 09”orders had gegeven een einde te maken aan de Vredesgemeenschap omdat zij hun vijand nummer één is. Ook kondigden ze de moord aan op de boer met de naam Ever, die in het gehucht La Hoz woont.

Op dinsdag 7 februari 2017 bracht Kolonel José Antonio Dangón, Commandant van de XVII-de Brigade van het Nationale Leger op verschillende regionale radiozenders verslag uit  van de operaties die het leger uitvoert in de gehuchten Mulatos en La Hoz van het district San José. Hij bevestigde daarbij dat ze geen aanduidingen gevonden hadden van de aanwezigheid van gewapende groepen op die plaatsen. Zo groot is het niveau van cynisme en schaamteloosheid van wie het bevel voert over deze brigade. De evidente paramilitaire aanwezigheid in de regio ontkennen betekent terugvallen op oude praktijken van de brigade, want in de tijd van Rito Alejo del Rio werd telkens weer het paramilitair optreden ontkend, terwijl bloedbaden, moorden, verdwijningen, folteringen en ontelbare misdaden werden uitgevoerd onder de beschutting en bescherming van de Strijdkrachten en de gerechtelijke instanties, die nooit een onderzoek openden.

Op woensdag 8 februari 2017 waren militaire troepen aanwezig in het gehucht Mulatos van het district San José. Ze kampeerden op de private eigendom van de leden van de Vredesgemeenschap in de sector die bekend is als El Barro. Ze maakten bij verschillende gelegenheden duidelijk dat “de boerenbevolking de zaken goedschiks of kwaadschiks moet leren zien (zoals ze zijn)en dat ze moet leren haar mond te houden”. Hiermee verwijzen ze naar de paramilitaire aanwezigheid  en opnieuw kondigden de militaire troepen aan dat ze zich niets aantrekken van de aanwezigheid van de paramilitairen, want dat ze hen niet gaan bestrijden.

Dezelfde woensdag 8 februari 2017 eisten leden van onze Vredesgemeenschap in het gehucht Mulatos  dat de militaire troep zich zou terugtrekken van de private plaatsen van de gemeenschap omdat geen enkele gewapende partij bescherming betekent voor de families van de Vredesgemeenschap en nog minder wanneer het gaat over de belangrijkste bondgenoten van het paramilitarisme van de streek.

Op donderdag 9 februari 2017 rond 14:00 uur drongen paramilitairen binnen in de woning van families van onze gemeenschap in het gehucht La Esperanza. De twee individuen droegen militaire kleren en lange wapens en armbanden met de insignes van de AGC. Kwaad bevestigden ze dat “de families van deze hoerenjonggemeenschap heel ver over de lijn zijn gegaan door ons in het gehucht Mulatos in de handen van het leger te gooien” want volgens hen hadden de militairen hen ingelicht dat ze daar waren door het schandaal dat de gemeenschap had gemaakt en dat ze daarom resultaten moesten tonen. Dat het daarom was dat ze de paramilitair aanhielden. Zo ook bevestigden ze dat deze hoerenjong ‘gringos’ het aan het verpesten waren want hun aanwezigheid verhinderde dat ze hun plan konden uitvoeren in het district van San José. Ze voegden eraan toe “op vrijdag 27 januari 2017 was het een Amerikaan[1] en een Amerikaanse die ons weghielden van het Vredesgehucht in Mulatos”en dat het enige dat het bij hen teweegbracht was ”een paar schoten te lossen op elk van deze hoerenjong gringos”.

Op vrijdag 10 februari 2017 rond 13:00 uur drong een groep paramilitairen van ongeveer 40 man in het gehucht La Esperanza een stuk grond binnen, dat private eigendom is van de gemeenschap. Ze hadden er gekampeerd op slechts enkele meters van de woning van de families van de Gemeenschap. Daar kondigden ze aan dat ze er naartoe gekomen waren om er te blijven want dat de Strijdkrachten hen niet zullen vervolgen.

Dezelfde vrijdag 10 februari 2017 waren tien paramilitairen aanwezig in de gemeenschapsruimten van het gehucht Arenas Altas, op de plaats die gekend is als Pelahuevo. Daar kondigden ze opnieuw aan dat ze een bezoek gaan brengen aan Reinaldo Areiza in het gehucht La Unión en aan drie andere leden/leiders van de Vredesgemeenschap, want dat hen veel gelegen is aan hun hoofden.

Onze beulen gaan er tot vervelens toe over en ze zijn er zelfs toe in het staat zich op te offeren door het systematisch opereren van een crimineel apparaat te beschermen en te verbergen, dat in legaliteit beschut is, wiens tentakels en hun band met de illegaliteit moeilijk zullen kunnen verborgen worden aan een maatschappij die voortdurend wordt tot slachtoffer gemaakt. Ondertussen blijven we leven onder de militaire/paramilitaire terreur en angst die wordt vervaardigd in de mooie wieg van de misdaad in Urabá, nl. de XVII-de Brigade van het nationale leger.

Deze beulen hebben een beroep gedaan op de wildste methodes waarbij ze valse getuigen doen getuigen tegen ons levensproject door ons te bestempelen als bondgenoten van het terrorisme, als guerrilleros of medeplichtigen en door zoveel andere leugens die fundamenteel laaghartig zijn. Ze vermoordden onze geliefden, anderen deden ze verdwijnen, anderen folterden ze of zetten ze gevangen, enz… Nu, terwijl de guerrilla van de FARC aan het ontwapenen is, wat zal dan de kwalificatie zijn om een gelijkaardige vervolging te kunnen verderzetten? Misschien is de menselijke schade die we meer dan 20 jaar moesten lijden nog niet voldoende geweest? Willen ze ons verplichten samen te leven met de ergste daders van al deze jaren?...

Nooit zullen we de herinnering vergeten van al die vrouwen en mannen die onze weg van burgerlijk geweldloos ongewapend verzet betaalden met hun levens. Wij eisen publiek en zonder aarzelen dat alle gewapende partijen, of ze nu paramilitairen heten of Autodefensas Gaitanistas van Colombia, en alle gewapende Strijdkrachten van de Staat,  of om het even welke gewapende groep,  dat ze onze levensruimten en ruimten van gemeenschapswerk eerbiedigen. Wij willen hen niet op onze territoria. Laat ons gerust! Laat ons leven op het territorium van onze voorouders en grootouders. We willen leven op de grond die ons en onze kinderen toebehoort. Het is reeds genoeg!!!!



[1]Gringo is een pejoratief woord voor een Amerikaan, en in het algemeen een buitenlander, hier bedoelen ze de vredesbrigadisten