Medeplichtigheid door de armen te laten hangen

Onze Vredesgemeenschap van San José de Apartadó ziet zich opnieuw genoodzaakt om een beroep te doen op het land en de wereld om getuigenis af te leggen van de feiten,  waarbij men voortdoet met het smeden van een strategie van uitroeiing van onze Gemeenschap en van barbaarse overheersing van de boerenbevolking van de zone, in openlijke schending van heel de constitutionele orde en van de universele mensenrechten, zonder blijk  van enige reactie van de instellingen die de orde van de instellingen en de rechten van de bevolking zouden moeten verdedigen.

Het district San José de Apartadó is door het paramilitarisme telkens meer onderworpen aan het vernietigen van het geweten en aan het ontzeggen van de vrijheid om te kiezen en te leven op zijn eigen grond. We lukken er niet in te begrijpen waarom in een zone, die zodanig is gedomineerd door paramilitairen, er geen tussenkomst was om die paramilitaire structuren, die de boerenbevolking telkens meer onderwerpen aan hun belangen en aan die van ondernemingen die zij dienen,  te ontmantelen. En evenmin waarom de Staat met zijn Strijdkrachten zodanig betrokken is bij de bescherming van krachten die radicaal in tegenspraak zijn met hun missie.

Het is duidelijk dat in het dorpscentrum van San José de Apartadó de paramilitairen op harmonische wijze samenleven met het leger en de politie. Want er is daar een sterke aanwezigheid van paramilitairen die dagelijks slachtoffers afpersen en dwingen tot stilte, als ze aanklagen dat ze hen afpersen of hen dwingen om voor hen te werken. Onze Vredesgemeenschap wordt met de dood bedreigd op de weg die van San José naar het stedelijk gebied van Apartadó voert en in de gehuchten van het district. Deze paramilitairen verplaatsen zich permanent langs de weg tussen San José en Apartadó en in de gehuchten, terwijl ze schoten afvuren met vuurwapens, zonder dat ze door geen enkele bevoegde autoriteit gehinderd worden. Wij vragen ons af:”Wie bezorgt hen wapens? Wie beschermt hen? Is het legaal dat burgers gewapend op weg gaan? Waarom worden ze bij niemand van hen in beslag genomen?”

De paramilitairen organiseren vergaderingen in de gehuchten en ze dwingen de boeren om daar aan mee te doen, en als iemand niet deelneemt dan wordt hij onderworpen aan een grote boete boven de 200.000 pesos (nu zo’n 60,00 Euro). Onze Gemeenschap heeft hiervan aanklacht gedaan met concrete uren en datums, maar de medeplichtigheid van de 17-de Brigade van het leger  met het paramilitarisme in San José is zo groot, dat,  wat ze doet in die gevallen, is naar de plaats van de feiten gaan veel uren of dagen nadien, wanneer de paramilitairen de vergaderingen reeds beëindigd hebben  en ze zich reeds van die plaatsen hebben teruggetrokken. En nadien sturen ze rapporten uit waarin ze bevestigen dat ze naar de plaats van de aanklacht gingen en dat ze er niks vonden en dat dus de Vredesgemeenschap al deze feiten verzint.  Dat alles maakt duidelijk dat de Colombiaanse Staat met zijn militaire troepen het paramilitarisme nodig heeft om de burgerbevolking te controleren en te onderwerpen aan hun ondernemersbelangen over de eigendom van de grond. Hij doet dat door de grond af te nemen van de boer door middel van deze paramilitaire groepen, die het vuile werk doen en die bovendien volledig beschermd worden door de strijdkrachten om zich te kunnen bewegen doorheen heel het grondgebied zonder gehinderd te worden. Hoe, zo niet, het feit interpreteren dat deze paramilitairen gewapend rondlopen te midden van de militaire en politionele autoriteiten in San José de Apartadó en dat er niets gebeurt?

De feiten waarover we getuigenis afleggen zijn de volgende:

Op vrijdag 2 maart 2018 om 9:00 hielden de paramilitairen een gedwongen vergadering in het gehucht La Unión, die reeds was samengeroepen op 28 februari door een paramilitair met de naam Luis Yair. Zo dwongen ze de burgerbevolking dat ze die moesten bijwonen, onder de bedreiging dat indien iemand niet deelneemt hij zou moeten onderworpen worden aan een boete boven de 200.000 pesos. Onze Vredesgemeenschap had reeds aanklacht gedaan van deze convocatie op 28 februari , maar ofschoon we tijdig een aanklacht deden dat deze bijeenkomst zou plaatsvinden, vond er geen enkele actie plaats om die te voorkomen. Want daar verplichtten de paramilitairen de burgerbevolking om deel te nemen en het enige wat de publieke Strijdkrachten deden was wachten dat de paramilitairen het werk van afpersing en onderwerping van de boeren deden, en hun medeplichtigheid werd concreet gemaakt in het toekomen op de plaats wanneer er niemand meer was, om hun rapport te kunnen geven dat alles vals was en dat alles in orde was.

Op maandag 5 maart 2018 wanneer een werkgroep van onze Vredesgemeenschap zich verplaatste vanaf het gehucht La Esperanza naar de huizenrij van San José, ontmoette ze een paramilitair contingent met als bevelvoerder alias Felipe, dat gestationeerd was geweest in één van onze collectieve boerderijen in het gehucht El Porvenir. Daar gingen ze er toe over om te bellen met hun oversten en daarna vertrokken ze in de richting van het gehucht La Esperanza.

Op donderdag 8 maart 2018 ’s morgens hielden de paramilitairen een bijeenkomst met de burgerbevolking van het gehucht Rodoxalí, waaraan bewoners van de gehuchten Mulatos, La Hoz en Rodoxalí van het district San José de Apartadó deelnamen. Daar verwezen ze naar ons Vredesgehucht Luis Eduardo Guerra , dat wij sinds 13 jaar verwierven, na het bloedbad van 8 personen,  uitgevoerd door de paramilitairen samen met de troepen van de 17-de Brigade van het leger  in 2005. In deze bijeenkomst spoorden de paramilitairen de bevolking van de zone aan om deze ruimte van ons af te pakken door ze te beloven dat zij daarna projecten zouden verkrijgen,  om op te zetten in deze plaats. Ook hebben we aangeklaagd dat dezelfde paramilitairen bezig geweest zijn met het aanleggen van een illegale weg vanaf het gehucht Rodoxalí naar het gehucht La Hoz, zonder dat men ook maar enige licentie kende. Dezelfde 10-de  maart 2018 waren verschillende paramilitairen met korte wapens likeur aan het innemen frontaal tegenover de politie en het leger in het dorpscentrum van San José, zonder ook maar gehinderd te worden. Op dezelfde manier doorkruisen ze gewapend op hun moto’s voortdurend de weg die van San José naar het stadscentrum van Apartadó voert, terwijl ze passeren te midden van militairen en politie en terwijl ze herhaaldelijk schoten afvuren, zonder dat iemand hen controleert of ontwapent.  Voor niemand is het verborgen dat dit een permanente bedreiging vormt voor de leden van onze Vredesgemeenschap, vooral indien daar nog de voortdurende boodschappen van uitroeiing aan toegevoegd worden die ze tegen ons lanceren. Kan iemand geloven dat we in een “Rechtstaat” leven?

Vandaag weten wij, leden van de Vredesgemeenschap, zoals veel burgerbevolking van onze omgeving dat al deze onderdrukking die we ondergaan niet vlug zal ophouden, als we rekening  houden met de zo diepe corruptie waaraan de instellingen en de politieke krachten, die de Staat mennen,  lijden, zoals men heeft kunnen vaststellen bij de verkiezingen die juist gehouden werden.  Het blijkt duidelijk dat er een regering is die geleid wordt door enkele politieke partijen die enkel waken over hun eigen elitaire belangen en die doof en blind zijn voor de tragedie die het weerloze volk beleeft, geslachtofferd en onderworpen aan een geweld, waarvan men het voortduren wil afdekken, omdat het de huichelachtige steun - zoals medeplichtigheid van neergezakte armen en van geveinsde onwetendheid - krijgt van de Staat en van al zijn instellingen.

Onze Vredesgemeenschap zal, zolang ze kan bestaan, nooit ophouden met getuigenis afleggen voor het land en voor de wereld van deze barbaarsheid die wij op ons grondgebied beleven. En we bedanken opnieuw alle organisaties en personen die in ons geloofd hebben vanuit veel plaatsen in de wereld en die ons politiek en moreel gesteund hebben, door hun krachten vastberaden met ons te verenigen om ons moed te geven en zodat we onze rechten op leven en op vrede blijven opeisen.