Oorlog en onrecht omhelzen elkaar in recyclage zonder einde

Onze Vredesgemeenschap van San José de Apartadó doet opnieuw een beroep op het land en de wereld om getuigenis af te leggen van de laatste feiten die ons diep raken.

Het manifest van terugkeer naar de oorlog van een groep ex-strijders van de FARC-EP (Fuerzas Armadas Revolucionarias de Colombia – Ejército Popular)  (Gewapende Revolutionaire Krachten van Colombia – Volksleger) die zich hadden aangesloten bij het zogenaamde “Vredesakkoord” dat ondertekend werd in Havanna, Cartagena en Bogota op het einde van 2016, betekent de aankondiging van een verergering van het gewapend conflict op ons grondgebied. Vanaf de demobilisatie van verschillende fronten van de FARC-EP, die in onze regio opereerden, viel ons grondgebied totaal onder de controle van de paramilitaire groepen die reeds verschillende decennia de steun genoten van de publieke strijdkrachten en de overige Staatsinstellingen.  Wat ze wel aanhoudend ontkennen en zo willen ze ‘de zon bedekken met hun handen’.  Nu kondigt zich ons  een nieuwe aanwezigheid aan van gewapende opstandelingen die zeker nieuwe stromen van bloed zal meebrengen naar onze gehuchten, want ze zullen zeker proberen het paramilitarisme, dat zich meester gemaakt heeft van de streek, en de  multinationals, die de leefomgeving vernietigen en de natuurlijke rijkdommen plunderen, militair proberen aan te vallen.

Ten aanzien van de terugkeer van de oorlog bevestigt onze Gemeenschap opnieuw haar totale uitsluiting van het gebruik van wapens en van om het even welke rechtstreekse of onrechtstreekse samenwerking met gewapende actoren. We zijn ervan overtuigd dat wapens geen conflicten oplossen maar integendeel ze erg aanmoedigen en dat ze progressief de bases van de opbouw van democratie, van de samenleving en van het elementair menselijke leven vernietigen.

Ten aanzien van de feiten en het discours, die erop aandringen om de oorlog opnieuw te legitimeren vragen we ons af wie gelijk heeft. De massieve informatiemedia duiden alleen de groep van ex-strijders van de FARC-EP, die zich hebben teruggetrokken uit het proces van incorporatie en kiezen voor het statusquo,  aan als enige schuldige. Van haar kant schildert de Regering deze ex-strijders  met de ergste termen af en ze weigert luisteren en rekening te houden met de redenen van hun dissidentie en ze reageert zich op hen af in een irrationele oorlogswoede die heel wat principes van het internationaal recht overstijgt.    

Wij zijn ervan overtuigd dat niets van dit alles bijdraagt aan de opbouw van vrede. We geloven dat het Vredesakkoord dat in 2016 werd ondertekend niet echt raakte aan de wortels van het honderdjarig conflict dat we beleven, noch wat betreft  de mechanismen van concentratie van het bezit van de grond, noch wat betreft de afwezigheid van democratie, noch wat betreft de toegang tot een minimum bevrediging van de behoeften van de bevolking, noch wat betreft de invasieve corruptie van de machten, noch wat betreft het gebrek aan rechtvaardigheid, noch wat betreft de morele rottigheid van het gerechtelijk en administratief apparaat van de Staat. Zij die de wapens inleverden werden gedwongen de broeksriem aan te halen bij enkele  gedegenereerde instellingen en bij een regering die geleid wordt door de ergste van de caudillos die er maar bestaan hebben bij de controle van de Staat in de laatste decennia door het tegen de grond gooien van al zijn ethische en juridische principes.  Bovendien miskende de Regering tot de meest eenvoudige engagementen aangegaan in het “Vredesakkoord” en liet ze met totale medeplichtige passiviteit het permanent bloedbad van de ex-strijders en een bloedbad zonder ophouden van sociale leiders en leidsters toe door toedoen van groepen die hun expliciet of impliciet applaus niet verbergen voor het heersend regeringsmodel .

We betreuren grondig dat het zogenaamde “Vredesakkoord “ niet diende om de praktijken, die reeds veel decennia lang de meerderheid aan de basis van onze natie kwellen, te demonteren:  het paramilitarisme, de corruptie, het anticommunisme dat miljoenen bloedslachtoffers produceerde, het cliëntelisme en de afhankelijkheid, zowel militair als economisch, van onderdrukkende vreemde mogendheden.

Het antwoord van de regering op de oude en gerecycleerde opstandelingen, het enige wat het voortbrengt zijn doden, bloed, lijden en vernieling.   Ze heeft een radicale onbekwaamheid om haar fouten te erkennen en een ziekelijke wil om zich elke keer meer onder te dompelen in het moeras van haar onrecht en van haar passie voor het bloedvergieten.  Nu wil ze ons onderdompelen in een nieuwe oorlog die alleen maar chaos meebrengt, catastrofe,  eindeloze heropleving van de haat en wanhoop.  

Naast ons vierkantig afwijzen van de nieuwe aanmoediging van de oorlog, leggen we bovendien getuigenis af aan het land en aan de wereld van nieuwe feiten die onze zone treffen:

Op vrijdag 23 augustus 2019 rond 9:00 uur werden straffe schoten gehoord van zware wapens en de ontploffing van bommen op de plaats die bekend is als El Barro van het gehucht Mulatos Medios van San José de Apartadó.  Daar werd een sterke aanwezigheid vastgesteld van gecamoufleerde en zwaarbewapende paramilitairen. Niet ver daar vandaan bevond zich een groep militairen. Alles wijst erop dat het geschiet, dat tussen hen onderling kon zijn, geen enkele consequentie had, noch vergezeld ging van enige vervolging, wat sommigen interpreteerden als een bewijs van het mekaar wederzijds begroeten of als een simulatiespel.

Op maandag 2 september 2019 detacheerde onze Gemeenschap een solidariteitscommissie om de familie van de jongere Weber Andrés Arias, vermoord op 18 augustus, te begeleiden. Die familie moest, omwille van de voortdurende bedreigingen van de paramilitairen, op de vlucht en moest haar bezittingen meenemen vanuit het gehucht La Cristalina.  Bij de tocht om de bezittingen van die familie mee te voeren was het mogelijk de voortdurende aanwezigheid van paramilitairen zoals o.a. die van de bekende “Alfredo”  in de zone vast te stellen. Er moet aan herinnerd worden dat de paramilitairen Weber Arias vermoordden nadat ze hem herhaaldelijk verwittigd hadden dat hij zich aan hun orders moest onderwerpen, wat hij vierkantig weigerde. Daarom was het dat ze tenslotte een einde maakten aan zijn leven. Daarna maakten ze zich kwaad bij bedreigingen tegen de familie omdat ze de  feiten hadden aangeklaagd. En deze aanklacht werd veranderd in een “misdrijf” want dezelfde 17-de Brigade verdraagt niet dat onze Gemeenschap met de burgermaatschappij in gesprek gaat om te vertellen wat ze moet doorstaan.  En daarom verplichtten ze via een Actie van Voogdij, die op een absurde wijze aanvaard werd door de Tweede Promiscue Rechter  van Apartadó, onze Gemeenschap om zich terug te trekken vanuit het netwerk van getuigenissen en zichzelf het zwijgen op te leggen, wat onze Gemeenschap geweigerd heeft te gehoorzamen.

Op woensdag 4 september 2019 heeft een Openbaar aanklager van Apartadó, vergezeld door de publieke strijdkrachten en klaarblijkelijk zelfs door het Internationale Rode Kruis,  verschillende gemeentelijke raden en bewoners van het district bijeengeroepen voor een bijeenkomst in de gebouwen van het college Bartolomé Cataño.  Hij hield een publieke raadpleging over de terechtstelling van WEBER ANDRÉS ARIAS GARZÓN, uitgevoerd op 18 augustus 2019 tussen de gehuchten La Cristalina en La Linda van San José de Apartadó, waarnaar wij verwezen in onze laatste getuigenis. Verschillende deelnemers ontkenden de aanwezigheid van paramilitaire elementen in de zone en schreven het misdrijf van Weber Andrés toe aan “onbekenden”. Ze ontkenden in het bijzonder om het even welke aanwezigheid van paramilitairen in la Cristalina en ze verwezen naar de moeder van het slachtoffer en naar onze Vredesgemeenschap als schuldigen “door roddel” voor het feit dat het gebeuren werd aangeklaagd en bekend gemaakt. Politie en militairen legden er zich op toe om handtekeningen te verzamelen van alle aanwezigen. En wij vragen ons af wat de bestemming zal zijn van deze handtekeningen.   

Als deze procedure van het Openbaar Ministerie een onderzoek naar de misdaad vormt, dan bemerkt om het even wie dat dit absoluut onregelmatig is,  want het geeft de indruk dat het een geknevelde en in medeplichtigheid met het paramilitarisme verzonken bevolking wil doen berusten  in een vermeende publieke opinie die duidelijk gemanipuleerd en geïntimideerd is. Het is een uitspraak die het paramilitarisme vrijpleit van hun verantwoordelijkheid voor de misdaad en dat hun “niet-bestaan” bevestigt.  In deze bijeenkomst was de aanwezigheid van talrijke paramilitairen evident  en onze Gemeenschap is grondig verontrust dat enkele raden van gemeentelijke actie rugdekking bieden aan deze paramilitairen, in wiens organisatie de executie van leden van onze Vredesgemeenschap en van boeren uit onze omgeving gecoördineerd wordt. We weten niet dat dit het voorgeborchte is van het opbergen van het proces dat nauwelijks begint, maar wat zeker is is dat dezelfde weg gevolgd wordt van de talrijke processen die in het gerechtelijk systeem niet onderzocht worden zoals het moet en wiens straffeloosheid beschermd wordt in een mediastrategie vol van knevelingen, manipulaties en intimidaties. Dit doet ons herinneren aan de procedures die routine waren bij de zogenaamde militaire “justitie”, waarbij men aan de dader vraagt of hij de schuldige is voor de misdaad  en ten aanzien van de negatieve logica van deze laatste wordt hij onmiddellijk vrijgesproken en wordt het proces opgeborgen of van tevoren afgesloten.

Op vrijdag 6 september 2019 overdag kwam er informatie toe in onze Gemeenschap over nieuwe bedreigingen aan leden van de Interne Raad van de Gemeenschap, onder hen aan onze Wettelijk Vertegenwoordiger GERMÁN GRACIANO POSSO, bedreigingen die gebaseerd zijn op de malaise gecreëerd tussen paramilitairen en militairen door de getuigenissen die onze Gemeenschap aflegt voor het land en de wereld over de gebeurtenissen die ons nadeel berokkenen.  Dit verontrust onze Gemeenschap ernstig en we stellen de Nationale Regering verantwoordelijk voor om het even welke ernstige gebeurtenis die de leden van onze Gemeenschap kan overkomen. De verschillende regeringen hebben geweigerd om hun ondergeschikten van de publieke strijdkrachten in de zone te controleren. Bewijs hiervoor  was het plan dat we aanklaagden op 22 december 2017, een crimineel plan dat, ondanks het feit dat het van tevoren werd aangeklaagd, uitgevoerd werd op 29 december van hetzelfde jaar.  

Te midden van verontrustende aankondigingen van de recyclage van de oorlog, vallen de gewapende actoren, die altijd al in onze zone verbleven, ons meer en meer lastig, terwijl ze altijd onze uitroeiing aankondigen en dit zonder dat ook maar één enkele (staats)instelling zich bezig houdt met onze bescherming.  Het enige antwoord, dat al onze noodkreten gericht aan de Staatshoofden, met inbegrip van die we richten aan huidig President Duque bij het voleindigen van één jaar van zijn regering, krijgen, is absolute stilte, STILTE VAN MEDEPLICHTIGHEID.

Opnieuw bedanken we alle personen en gemeenschappen die in het land en in de wereld ons verzet ondersteunen met een morele ruggensteun en wiens spirituele aanwezigheid we steeds versterkt  voelen op de moeilijke momenten die we doorstaan.