Paramilitaire uitgelatenheid bij de nieuwe regering

Opnieuw ziet onze Vredesgemeenschap van San José de Apartadó zich genoodzaakt een beroep te doen op het land en de wereld om getuigenis af te leggen over de laatste feiten waarvan we het slachtoffer geworden zijn van deze paramilitaire Staat die steeds meer doof en blind is en die zich legitimeert en opereert met zijn paramilitaire armen.

Alle verwachtingen over vrede, over eerbied voor de mensen – en burgerrechten en over herstel en reparatie van de slachtoffers van Staatsterrorisme leden stap voor stap schipbreuk. Het zogenaamde “vredesproces” en het geproclameerde “Vredesakkoord” betekende geen enkele omslag wat betreft de verspreiding van Staatsmisdaden en wat betreft de versterking van het paramilitarisme. De ontwapening van de FARC bracht met zich mee de bezetting van hun vroegere ruimten door de paramilitaire structuren en het voortduren van de oude traditie van het vermoorden van de gedemobiliseerden en onder dit voorwendsel van een groot aantal sociale leiders en verdedigers van de mensenrechten.

Onze Vredesgemeenschap ontsnapte niet aan deze perverse dynamiek. Vandaag hebben de paramilitairen zich meester gemaakt van alle gehuchten van het district van San José en één van hun voortdurende plechtige verkondigingen is de uitroeiing van onze Vredesgemeenschap.  Zij blijven er gewapend en uitdagend aanwezig in alle gehuchten waar onze Vredesgemeenschap nederzettingen heeft.

De feiten waarover wij getuigenis willen afleggen zijn de volgende:

Op vrijdag 8 juni 2018 riepen de 17-de Brigade en de Politie van Urabá de mensen bijeen op een “Plechtigheid van Verontschuldiging” in het dorpscentrum van San José, voor het bloedbad van handelaars dat werd uitgevoerd op 19 februari 2000, waarbij 4 winkeliers afgeslacht werden, binnen het plan om elke verkoop of aankomst van voedingswaren te elimineren om zo de gemeenschap te onderwerpen aan een beleg van honger. De families bleven ontgoocheld achter omdat de woordvoerders van de strijdkrachten weigerden om de hele waarheid te openbaren over wat gebeurd was en om alle materiële en intellectuele daders aan te wijzen. De familieleden waren woedend terwijl ze bevestigden dat,  zolang men niet de volledige waarheid vertelt,  het voor hen onmogelijk is de bladzijde om te slaan.

Op zondag 10 juni 2018 waren elf paramilitairen in uniform en bewapend aanwezig in het Vredesgehucht Luis Eduardo Guerra van onze Gemeenschap.  Toen een lid van onze Gemeenschap tegen hen protesteerde omdat ze bezig waren de private leefruimte van de Gemeenschap te schenden, beschimpten en bedreigden ze hem en ze antwoordden woedend dat zij konden zijn waar ze zin in hebben en ze eisten dat hij de gemeenschap noch haar leiders zou verdedigen omdat ze een gewapende bende guerrilleros zouden zijn.  Ze zegden dat het ELN snel in de zone zou arriveren en dat men dan zou kunnen zien of de Gemeenschap hen ook zou aanklagen zoals ze hen als paramilitairen aanklaagt. Ze vroegen hem ook om zich te identificeren om zich in hun vizier te plaatsen.

Op maandag 11 juni 2018 overdag drongen dezelfde paramilitairen opnieuw het Vredesgehucht Luis Eduardo Guerra binnen, ze drongen binnen in verschillende woningen en ze roofden er voedingswaren en inboedel.  Op dat moment waren de woningen verlaten, maar toen de bewoners begonnen aan te komen, verwijderden zij zich.

Op woensdag 13 juni 2018 om 7:00 uur drong een paramilitair, die de opdracht heeft van spion of “punt” in de zone van El Barro in het gehucht Mulatos en die de vorige dagen had deelgenomen in de misdadige bezettingen van de ruimten van de Gemeenschap, de woning binnen van een lid van de Vredesgemeenschap, met de bedoeling van een zoekopdracht of een registratie uit te voeren van de families maar hij behaalde geen enkel antwoord op zijn illegale eisen. 

Op vrijdag 15 juni 2018 om 15:01 uur kwam een groep paramilitairen in uniform en zwaar bewapend aan in het gehucht Mulatos-Hoofdplaats. Ze dwongen de burgerbevolking van de zone ertoe om met hen samen te komen.  

Op zaterdag 23 juni 2018 brachten dertig paramilitairen in uniform en bewapend de boerenbewoners van het gehucht La Cristalina samen en ze toonden hun vreugde en uitgelatenheid voor de overwinning van de kandidaat Iván Duque in de presidentsverkiezingen en ze bevestigden dat het de triomf van de Heer Álvaro Uribe Vélez zelf was, dezelfde die hen heeft opgericht en ondersteund gedurende vele jaren, en dat ze daarom nu zouden (kunnen) rekenen op grote officiële steun bij hun projecten, vooral in hun opdracht om onze Vredesgemeenschap van San José de Apartadó definitief uit te roeien. Op deze vergadering hadden ze de gehuchten Buenos Aires, La Linda, La Sucia, Bellavista, El Mariano en andere bijeengeroepen. Aan heel deze boerenbevolking brachten ze ter kennis dat zij de hoogste autoriteit in de zone waren en dat iedereen zich voortaan aan hen moet onderwerpen.

Op dinsdag26 juni 2018 greep er een vergadering plaats van de Raad van Gemeentelijke Actie van Mulatos Medio waaraan 6 paramilitairen deelnamen met de bedoeling van de Raad resultaten te eisen over de plannen die klaarblijkelijk niet nauwgezet zouden zijn uitgevoerd. Dit openbaart eens te meer de nauwe medeplichtigheid en de eenheid van actie tussen die Gemeentelijke Raad en het paramilitarisme van de zone en laat toe beter de plannen die die Gemeentelijke Raad tegen onze Vredesgemeenschap heeft gehad te begrijpen, door ons gewelddadig uit deze ruimte weg te jagen, die buiten dat ze heilig is door de herinnering aan het bloedbad van Luis Eduardo Guerra en zijn familie ook een territorium is waarover  onze Gemeenschap het evidente recht van bezit verkregen heeft, na er vredelievend eigendomsrecht te hebben over uitgeoefend gedurende meer dan 10 jaar.

Op zaterdag 30 juni 2018 om 21:58 kwamen twintig paramilitairen in uniform en zwaar bewapend aan op de plaats El Barro, van het gehucht Mulatos en ze installeerden zich in de woning van de Heer Aníbal, met als bijnaam ”El Demonio” (=de duivel). En sindsdien hebben ze daar tot nu toe verbleven. Daar vlakbij in de rivier Mulatos was er een militair contingent van het Bataljon Bejarano Muñoz  van de 17-de Brigade, zonder dat er ook maar enige confrontatie plaats vond, wat de medeplichtigheid en de eenheid van actie tussen het leger en de paramilitairen, die we honderden keren hebben aangeklaagd in deze 21 jaar dat de Vredesgemeenschap bestaat, bevestigt.

Op een manier die reeds systematisch wordt vermenigvuldigen zich, op de weg die van San José naar het stadscentrum van Apartadó voert, de episodes van vervolging van boeren en van  sociale leiders die deze weg gebruiken. Herhaaldelijk neemt dat de vorm aan van aanvallen en diefstallen met inbegrip van veel zwaardere aanslagen die een steeds zorgwekkender gevoel nalaten van   onveiligheid, waarachter zich de vervolging van personen verbergt die het doelwit zijn van de paramilitairen maar die, klaarblijkelijk door richtlijnen van hoog niveau , moeten gerapporteerd worden als daden van gewone misdadigheid.

Zoals men kan zien blijft de belegering van de paramilitairen tegen onze Vredesgemeenschap voortduren. Daar komt nog bij de onverschilligheid van alle Staatsinstellingen, zowel de gerechtelijke als de administratieve. Men kan spreken van een totale medeplichtigheid. Men doet er niets aan om systematische misdrijven die twee decennia en meer duren af te remmen. De komst van een regering in wiens politieke staat van dienst het paramilitarisme een onmiskenbare bemoeienis heeft, vervult ons met bezorgdheid en zet ons aan om opnieuw een  beroep te doen op zoveel gemeenschappen, organisaties en personen in verschillende landen die onze morele steun geweest zijn, om hen te vragen hun “bewaking niet te verlagen” in de momenten die ons te wachten staan, die nog onheilspellender zouden kunnen zijn. Met onze dankbaarheid van altijd.