Tegen de feiten is er geen enkel argument opgewassen

Opnieuw ziet onze Vredesgemeenschap van San José de Apartadó zich genoodzaakt een beroep te doen op het land en de wereld om de laatste agressie die we hebben geleden door Staatsagenten en -instellingen en door groepen die door dezelfde regeringsmacht worden gemanipuleerd aan te klagen. De laatste feiten zijn de volgende:

Onze Gemeenschap heeft kunnen vaststellen dat hoge bevelhebbers van de 17de Brigade van het leger informatie verdraaien over de begeleiding die humanitaire groepen uit andere landen( = vredesbrigadisten) bieden aan leden van onze Vredesgemeenschap die groot gevaar lopen. Alles onthult de bedoeling om de internationale begeleiding (= vredesbrigadisten) te stigmatiseren, onder het voorwendsel dat ze een slecht beeld ophangen over de daders, maar met het doel de slachtoffers onbeschermd achter te laten om zo hun plannen van roof en uitroeiing te kunnen uitvoeren en zo het protest te neutraliseren van hen die in verschillende landen van de wereld fundamentele, ethische principes bewaren. Bij sommige gelegenheden hebben de militairen volledig valse episodes geconstrueerd om de internationale begeleiding in diskrediet te brengen.

Op woensdag 15 februari 2017 rond 7:00 uur en gedurende verschillende minuten greep er een botsing plaats tussen militairen van de 17de Brigade van het leger en paramilitairen die aanwezig waren in het gehucht La Esperanza van San José de Apartadó op nauwelijks enkele meters van de nederzetting van onze Vredesgemeenschap. Rond 16:00 uur  haalde een legerhelikopter drie paramilitairen op die klaarblijkelijk gevangen werden genomen, één van hen was gewond, en een aanzienlijke hoeveelheid oorlogsmateriaal en materiaal van zorg voor de bevoorrading  zoals munitie, mijnen, ransels, dekens, handleidingen en reglementen van de AGC, medicamenten, enz… maar geen enkel vuurwapen. Dit feit staat in schril contrast met de voortdurende verklaringen van de regering, de strijdkrachten en de massacommunicatiemedia, in de zin van “dat er geen paramilitairen meer zijn”. Een oud spreekwoord zegt dat “tegen de feiten is geen enkel argument van toepassing”.

Op donderdag 16 februari 2017 drongen militaire troepen de private eigendom binnen van onze Vredesgemeenschap in het gehucht La Esperanza en ze kampeerden daar in de werkruimten van families van de gemeenschap. De gemeenschap eiste de terugtrekking van deze troepen vanuit de plaats, waarop de kapitein met de naam Sanches verzekerde dat hij daar was door orders van zijn oversten en in uitvoering van een vonnis van het Grondwettelijk Hof. Juist de vonnissen van het Grondwettelijk Hof en de beschermings- en provisionele maatregelen van het Interamerikaans Hof voor de Mensenrechten met betrekking tot de Vredesgemeenschap, eisen van de Colombiaanse Staat de gemeenschap te beschermen. Maar deze bescherming dient overeengekomen te worden met de gemeenschap zelf en op geen enkel moment mag ze opgelegd worden. Reeds bij verschillende gelegenheden hebben we duidelijk gemaakt, dat de aanwezigheid  van de Strijdkrachten, in de plaats van ons te beschermen, het gevaar verhoogt. Staatsagenten evenwel durven het aan de Grondwet en de Wet te tarten en met de voeten te treden.

Op vrijdag 17 februari 2017 kwam de Presidentiële Raadgeefster voor de Mensenrechten Dr. Paula Gaviria met een helikopter aan in het gehucht La Esperanza van San José de Apartadó, in gezelschap van hoge militaire bevelhebbers, van de Burgemeester van Apartadó en van andere ambtenaren. In een publiek evenement dat daar gehouden werd kwamen leden tussen van de gemeenteraden (soort raden van de gehuchten) die,  tegen elke opeengestapelde  evidentie in,  de aanwezigheid van groepen paramilitairen in de zone ontkenden. Dezelfde dag rond 14:00 uur nam de Presidentiële Raadgeefster deel aan een gelijkaardig evenement in de huizenrij van San José de Apartadó. Gedurende dit gebeuren ontkenden de Burgemeester, de militairen en sommige leden van de gemeenteraden de aanwezigheid van paramilitairen in de zone en ze hadden kritiek op de aanklachten die onze Gemeenschap doet over hun optreden. Ofschoon er tussenkomsten van dank voor de burgerlijke waarde van onze Gemeenschap waren, door aan te klagen, wat de meerderheid van de mensen vreest aan te klagen, om hun leven niet in groot gevaar te brengen, toch legden de media op perverse wijze deze tussenkomsten het zwijgen op.

Op dinsdag 21 maart 2017 bij de 12 verjaardag van het afschuwelijk bloedbad van 8 broeders en zusters in de gehuchten Mulatos en La Resbalosa, stuurden talrijke personen ons boodschappen van solidariteit bij de herinnering aan onze slachtoffers. Meer dan honderd leden van onze Gemeenschap gingen op weg naar de gehuchten Mulatos en La Resbalosa om er religieuze plechtigheden van gedachtenis te houden en om na te denken over het legaat (testament) van onze martelaren

Op woensdag 22 februari 2017werd opnieuw de aanwezigheid vastgesteld van groepen paramilitairen in het gehucht van Arenas Altas, van San José de Apartadó en de verplaatsing die ze maakten naar het gehucht La Unión. In het aangrenzende gehucht Arenas Bajas zijn ze al verschillende weken aanwezig zonder dat er ook maar enige actie om de burgerbevolking te beschermen ondernomen wordt door de Staat.

Op donderdag 23 februari 2017 beschuldigden militaire bevelhebbers van de 17de Brigade via de radiozenders onze Vredesgemeenschap ervan zich te verzetten tegen het passeren door hun terreinen van de illegale weg die de paramilitairen aan het aanleggen zijn tussen Nuevo Antioquia, Rodoxalí en La Esperanza  door aan te voeren dat dit “zich verzetten” betekent “tegen de vooruitgang”.

Ofschoon leugens en perverse acties de gangbare munt blijven van de staatspolitiek in onze met bloed bevlekte regio, toch blijven we weerstand bieden vanuit ethische principes die niet mogen verliezen en waarin we ons blijven identificeren met solidaire mantels die vanuit verschillende hoeken van de wereld en van Colombia ons aanmoedigen om niet aan onze plichten te verzaken.